Het Vredespaleis: decor voor een selfie
Dus liever geen demonstratie voor de deur?
Donderdagmiddag demonstreerde ik met een kleine groep op het Carnegieplein, voor het Vredespaleis. Mensen met Palestijnse vlaggen, protestborden, en foto’s van door Israël vermoorde journalisten en kinderen.
Terwijl we nog aan het verzamelen waren kwam er al een beveiliger op ons af. Op onvriendelijke toon maakte hij duidelijk dat hij wilde dat we weggingen. We stonden op privéterrein. We legden uit dat we een kennisgeving hadden gedaan en dat je ook op privéterrein mag demonstreren. Daarop kondigde hij aan de politie te bellen.
De politie kwam en sprak met de beveiliger en de organisator van de demonstratie. Die laatste kwam terug bij de groep met de boodschap dat we van de politie moesten verplaatsen naar de overkant van de weg. Reden: de beveiliging maakte zich zorgen over ‘onrust voor toeristen’.
Toeristen.
Demonstreren is een grondrecht. Demonstranten kiezen zelf de plaats en tijd waar ze willen demonstreren. De burgemeester mag een demonstratie beperken, maar alleen als dat noodzakelijk is en alleen op drie gronden: bescherming van de gezondheid, het belang van het verkeer, en het voorkomen van wanordelijkheden. 'Onrust voor toeristen' staat er niet bij.
Het is niet de eerste keer dat ik werd weggestuurd bij een demonstratie. Sterker nog, het gebeurt vaker wel dan niet. Den Haag presenteert zich graag als ‘Internationale Stad van Vrede en Recht’. Maar in de praktijk draait dat vooral om banen en de economie. Het versterken van het vestigingsklimaat. Het aantrekken van gave internationale conferenties. Een aanleiding voor een festival. Toen de VS medewerkers van het Strafhof sanctioneerde, bleef de gemeente stil. Toen ICC-medewerkers werden bespioneerd, bleef de gemeente stil. Vrede en recht is voor Den Haag vooral citybranding.
Aan de overkant van de weg las ik I Grant You Refuge voor, een gedicht van de prijswinnende Palestijnse schrijver Hiba Abu Nada. Een litanie over bescherming bieden - aan kinderen, aan moeders, aan vaders. Ze schreef het op 10 oktober 2023. Tien dagen later werd ze door een Israëlische luchtaanval op het huis van haar familie in Khan Younis gedood. Ze was 32.
Haar woorden over toevlucht mocht ik niet voorlezen voor de deur van het gebouw waar de rechtszaak wordt gevoerd over de genocide waarin ze vermoord werd. Omdat de beveiliging van het gebouw bezorgd was of de toeristen wel zorgeloos hun foto’s konden maken.
Het Vredespaleis is het decor voor een selfie.
Ook het demonstratierecht staat in Den Haag onder druk. Daarover schreef ik al vaker. Demonstraties worden beperkt, beëindigd, verboden, vaak zonder geldige reden. Amnesty International, het College voor de Rechten van de Mens en de Nationale ombudsman hebben er allemaal kritisch over gepubliceerd. De zogenaamde stad van vrede en recht staat bekend als een van de moeilijkste steden om je demonstratierecht uit te oefenen.
De politie heeft die dag zijn werk niet goed gedaan. Die had gewoon aan de beveiliger moeten uitleggen hoe het demonstratierecht werkt en dat wij het recht hebben om op die plek te staan. Maar zoals wel vaker, deden ze dat niet.
Wat er op het Carnegieplein gebeurde was dus niet nieuw. Het was wel een nieuw dieptepunt. Want het was dit keer niet de gemeente, niet de burgemeester, maar het Vredespaleis dat de politie inschakelde omdat het een vreedzame demonstratie voor de deur maar hinderlijk vond.
Voor de toeristen.


