Op een feestje

“En wat doe jij nu?”
“Ik maak een dichtbundel”
“Kun je dan dichten?”
“Tja ik denk het, ik doe het al”
“En heb je daar dan verstand van, ken je alle regels?”
“Ik volg eigenlijk niet zoveel regels”
Dan toont mijn nichtje me
haar lagereschoolrapport. Naast
“kritiek op eigen werk”
heeft de juf
“matig”
aangekruist (dat is
de laagste score).
En ik denk: goed zo
meisje laat dat maar
aan anderen over.
Verderop lees ik
“Soms wat dromerig
en verstrooid”
Misschien wordt ze later
ook wel schrijver.

